Samenvatting Naar de Top: Het bedrijvenbeleid in actie(s)

Samenvatting Naar de Top: Het bedrijvenbeleid in actie(s)

Samenvatting Naar de Top: Het bedrijvenbeleid in actie(s)

Kabinetsreactie (EL&I) op de adviezen van de tien topsectoren

Achtergrond

Werkwijze: De overheid komt niet zelf met voorstellen voor de sectoren, maar vraagt bedrijven en wetenschappers om een agenda op te stellen. Per sector is een topteam samengesteld, met daarin: een innovatieve ondernemer uit het MKB, een wetenschapper, een ambtenaar en een boegbeeld uit de sector. Op basis van gesprekken met bedrijven en wetenschappers, hebben de topteams alle kansen en knelpunten in kaart gebracht. Ook hebben zij een actieagenda gepresenteerd, waarin ambities, adviezen en een plan van aanpak staan. Het kabinet geeft in deze brief een reactie op de adviezen. De topteams werken de agenda’s uit in concrete actiepunten en innovatiecontracten. De innovatiecontracten zijn bedoeld om inhoudelijke en financiële afspraken tussen bedrijven, wetenschappers en de overheid vast te leggen.

Doel: Het kabinet wil de integraliteit van het kabinetsbeleid laten zien en hoe vanuit een goede samenwerking tussen  bedrijven, kennisinstellingen en het Rijk, innovaties kunnen worden gestimuleerd en bedrijvigheid kan worden gegenereerd.

Ambitie:

  1. Nederland in de top 5 van kenniseconomieën in de wereld (in 2020);
  2. Stijging van de Nederlandse R&D-inspanningen 0,88% (2009) naar 2,5% van het BBP (in 2020);
  3. In 2015 moet er voor minimaal 500 miljoen aan Topconsortia voor Kennis en Innovatie (TKI’s) zijn met een financiering door de private sector van minimaal 40 procent.

De negen topsectoren van de Nederlandse economie:

  • High Tech Systemen en Materialen;
  • Energie
  • Creatieve Industrie (incl. IT)
  • Logistiek
  • Agro&Food
  • Tuinbouw en Uitgangsmaterialen
  • Life Sciences & Health
  • Water
  • Chemie

De keuze van de negen sectoren is bepaald door vier factoren: het zijn sectoren die kennisintensief zijn, export-georiënteerd, met veelal (sector)specifieke wet- en regelgeving en die een belangrijke bijdrage (kunnen) leveren aan het oplossen van maatschappelijke vraagstukken.

Bij de topsectorenaanpak gaat het niet zozeer om de inzet van meer publiek geld, maar vooral om het beter laten aansluiten van overheidsinspanningen bij de inzichten van topsectoren, kennisinstellingen en regio’s.

Focus: In het algemeen wordt grote nadruk gelegd op samenwerking tussen overheid, kennisinstellingen en bedrijfsleven (de gouden driehoek) én op R&D. Het beleid richt zich op ambitieuze ondernemers en snelgroeiende bedrijven.

Belangrijke acties

  • Het kabinet introduceert per 1 januari 2012 een fiscale aftrek voor investeringen in R&D (RDA, indicatieve aftrek 25%). Deze aftrek heeft een budget van € 250 miljoen in 2012 dat zal oplopen naar € 500 miljoen in 2015. De regeling gaat van start in 2012 en wordt via een nota van wijziging opgenomen in het Belastingplan 2012.
  • Initiatieven voor publiek-private samenwerking worden zoveel mogelijk gebundeld in Topconsortia voor Kennis en Innovatie (TKI’s). Het kabinet komt in 2013 met een aanvullend fiscaal innovatiepakket van € 100 miljoen. Ongeveer de helft daarvan wordt ingezet voor een fiscale aftrek om de bijdrage van bedrijven aan deze TKI’s te stimuleren (RDA+, indicatieve aftrek 50%). Het resterende budget wordt deels ingezet voor bevordering van de mobiliteit van kenniswerkers (kenniswerkersregeling) en deels voor een mogelijke ophoging van de WBSO. Ook continueert het kabinet in 2012 eenmalig het plafond van de WBSO op het niveau van de crisismaatregelen (€ 14 miljoen).
  • Per 1 januari 2012 gaat het innovatiefonds MKB+ van start. Dit fonds bestaat uit twee onderdelen: (1) innovatiekredieten, die rechtstreeks aan ondernemingen worden verstrekt; (2) risicokapitaal (seed capital en later-stage capital) dat via investeringsfondsen bij ondernemingen terecht komt. Het kabinet trekt hiervoor tot en met 2015 ruim € 500 miljoen uit. Het budget van het Innovatiekrediet wordt (conform AWT-advies) in 2012 verdubbeld tot € 95 miljoen en de doelgroep wordt uitgebreid naar ondernemingen groter dan het MKB, de midkap-ondernemingen. EL&I werkt bij de inrichting van het innovatiefonds MKB+ nauw samen met belanghebbenden en financiers uit het bedrijfsleven. Het innovatiefonds is een instrument voor en door het bedrijfsleven en zal eenvoudig en laagdrempelig worden ingericht. Risicodeling en matching van private financiële middelen zijn belangrijke condities voor het verkrijgen van financiering uit dit fonds.
  • Naast het reeds aangekondigde innovatiefonds MKB+ waarmee het kabinet innovatie investeringen van bedrijven ondersteunt (start 1 januari 2012) wordt de garantieregeling voor ondernemingsfinanciering (GO) voor leningen tot maximaal € 50 miljoen verlengd.
  • De Groeifaciliteit wordt in het licht van de veranderende verhoudingen op de kapitaalmarkt aangepast om de effectiviteit te vergroten en met het bestaande garantiebudget het MKB+ beter te kunnen faciliteren bij het aantrekken van buffervermogen. Het garantiebudget wordt verhoogd van ruim € 750 miljoen naar € 1 miljard. Het kabinet is hierbij van zins het huidige individuele garantieplafond neerwaarts bij te stellen.
  • Het plafond voor microkredieten wordt verhoogd van maximaal € 35.000 naar € 50.000.
  • Vanuit het Europees Sociaal Fonds (ESF) is € 24 miljoen beschikbaar gekomen om via een voucherregeling ondernemers te stimuleren hun bedrijfsprocessen te verbeteren en duurzame inzetbaarheid te vergroten. De economische waarde van eerdere ESF-inzet op sociale innovatie is gebleken uit evaluaties.
  • De huidige Kamers van Koophandel en Syntens worden de komende jaren samengevoegd tot een centraal bestuurde ZBO. De dienstverlening zal samen met die van AgentschapNL worden geïntegreerd tot een samenhangend pakket, waaronder begeleiding van (startende) ondernemers en het faciliteren van netwerken.
  • De adviezen van de topsectoren en andere partijen laten zien dat het met name voor startende, innovatieve en snelgroeiende MKB-ondernemingen lastig is om voldoende financiering (zowel risicokapitaal als bancair) te verkrijgen. Daarom worden de bestaande garantie- en financieringsinstrumenten gemoderniseerd. Daarnaast start het kabinet een fonds voor het MKB en bedrijven die net iets groter zijn om in deze leemte te voorzien. Investeringen uit dit fonds moeten bij succes weer worden terugbetaald, zodat het geld weer in nieuwe innovaties kan worden geïnvesteerd.
  • De huidige innovatie- en risicokapitaalregeling Seed Capital wordt gecontinueerd en er wordt gewerkt aan een initiatief voor de later-stage risicokapitaalmarkt. Deze acties betekenen voor het bedrijfsleven dat er via deze fund-of-funds constructies voor vaak sectorspecifieke private investeringsfondsen meer risicokapitaal beschikbaar komt.
  • Het budget voor de Borgstelling MKB-kredieten (BMKB) is voor 2011 inmiddels verhoogd van € 765 miljoen naar € 1 miljard. Dit vooruitlopend op de honorering van de aanvraag ingediend bij het Europees Investeringsfonds (EIF) voor ondersteuning op de BMKB voor de jaren 2011-2013. De BMKB wordt beleidsmatig versoberd om tot een betere kostenbeheersing te komen, met als doel dat meer bedrijven van de regeling gebruik kunnen blijven maken, terwijl een premieverhoging zo mogelijk achterwege dan wel beperkt kan blijven.
  • Om een bredere groep (potentiële) kleinere ondernemers te kunnen bereiken met microfinanciering zal Qredits via een pilot in 2012 de mogelijkheid krijgen om leningen tot € 50.000 te verstrekken (was € 35.000).

Specifieke onderwerpen

  • Het kabinet wil als lead customer ondernemers die aan baanbrekende innovaties voor maatschappelijke vraagstukken werken een duwtje in de rug geven. Hierbij richt het kabinet zich vanaf 2012 op vijf à tien concrete boegbeeldprojecten op thema’s die aansluiten op de innovatievraag van de overheid. Het gaat hierbij in ieder geval om elektrische mobiliteit, vermindering van grondstoffenschaarste, dynamisch verkeersmanagement, energiezuinige gebouwen en openbare ruimte, onderhoud van gebouwen, management watersystemen. In deze boegbeeldprojecten realiseren we inkooptrajecten vanuit de overheid die door hun omvang het innovatie- en exportpotentieel van met name het MKB vergroten. Het kabinet zet er op in om 2,5% van het overheidsbrede inkoopbudget te besteden aan innovatiegerichte inkopen (SBIR-programma).
  • Het kabinet zal de ontwikkeling van concrete businesscases stimuleren via het BioRenewables Business Platform. Voor het MKB zal het transitiehuis deze businesskansen begeleiden. Waar nodig zal het Kabinet belemmeringen in de wet- en regelgeving wegnemen.
  • Het kabinet erkent de noodzaak van het sluiten van kringlopen. De overheid start daarom een aantal pilots/onderzoeken (onder andere met betrekking tot struviet en digestaat) om afval- en reststromen meer en beter te benutten voor mestverwerking. In de kabinetsvisie op het mestbeleid (najaar 2011) zal het kabinet aangeven hoe zij mestverwerking verder wil bevorderen.
  • Initiatieven vanuit de topsectoren die de economie en maatschappij in ontwikkelingslanden versterken, worden ondersteund door programma’s voor ontwikkelingssamenwerking (OS). De inzet loopt daarbij op van € 200 miljoen in 2012 naar € 300 miljoen in 2015, waarvan circa € 55 miljoen is gereserveerd voor publiek–private partnerschappen (€ 25 miljoen voor voedselzekerheid/ private sector en € 30 miljoen voor water).
  • Het kabinet stelt specifiek voor de topsectoren geld ter beschikking voor het oprichten van Centra voor Innovatief Vakmanschap (mbo) en Centers of Expertise (hbo). Deze centra stimuleren de samenwerking tussen bedrijfsleven en onderwijs. EL&I en OCW hebben €16,4 miljoen vrijgemaakt om in het mbo per topsector één à twee Centra voor Innovatief Vakmanschap te realiseren. Gezien het belang van ICT-vaardigheden voor de topsectoren, wordt onderzocht of ICT-vaardigheden kunnen worden meegenomen in het curriculum van de centra. Voor hbo-instellingen geldt dat de plannen voor Centers of Expertise kunnen passen in de profielkeuzes die zij maken in hun instellingsplannen. Met die plannen kunnen ze dingen naar extra bekostiging voor de Centers.Voor de Centers in het hbo is een totaalbudget in dezelfde orde van grootte beschikbaar als voor de Centra in het mbo.

Regionaal

Regio’s leveren een vitale bijdrage aan de topsectoren aanpak. Sterke clusters staan mede aan de basis van het succes van de topsectoren.

Bijdrage regio’s aan het nieuwe bedrijvenbeleid: Gelderland (€ 100 miljoen), Limburg (€ 55 miljoen), Overijssel (€ 250 miljoen) en Zuid-Holland (€ 40 miljoen) stellen extra middelen beschikbaar voor de topsectoren. Ook de beleidsagenda’s van Zuid-Oost Nederland (Brainport 2020) en de Noordvleugel van de Randstad zorgen voor verdere versterking van het concurrentievermogen.

Regionale investeringen vallen zelden onder één topsector. Juist op de grenzen van de topsectoren (‘cross-overs’) gebeuren de interessante dingen. Voorbeelden zijn biobased (energie, chemie, agrofood) en medische technologie (life sciences, high tech, chemie).

Europees

Inhoudelijke aansluiting bij de Europese programma’s voor onderzoek en innovatie, zoals het 7e Kaderprogramma en de opvolger hiervan “Horizon 2020” is noodzakelijk. Nederland doet goed mee in de huidige Europese programma’s (€ 900 miljoen voor topsector gerelateerd onderzoek in 2007-2010), maar de bedrijfsdeelname moet verder omhoog. Het kabinet zet zich ervoor in dat in Horizon 2020 extra geïnvesteerd wordt in instrumenten om private investeringen in R&D te bevorderen en zet eveneens in op vereenvoudiging en stroomlijning van de instrumenten.

Dit document is ook als pdf bestand te downloaden door op deze link te klikken.

Comments are closed.

Leave a Reply

  • RSS Recent nieuws

    • RDA regeling officieel van start 1 mei 2012
      De regeling Research & Development Aftrek (RDA) is per 1 mei officieel van start gegaan. Met deze regeling is het, in combinatie met een WBSO aanvraag voor de loonkosten, mogelijk om ook voor andere kosten en uitgaven die u doet … Continue reading → […]
      Marcel de Groot
    • WBSO doet wat hij beoogt 3 april 2012
      De WBSO doet waar de regeling voor bedoeld is. Dat is de belangrijkste conclusie van een in opdracht van het Ministerie van Economische zaken, Landbouw & Innovatie uitgevoerd onderzoek door bureau Panteia/EIM dat onlangs is afgerond. In het kort hieronder … Continue reading → […]
      Marcel de Groot
    • Nieuwe ESF subsidies: Actie A en Actie E 3 april 2012
      Per 1 mei kunnen voor een tweetal ESF subsidies aanvragen worden gedaan, dat zijn: ESF Actie A: extra geld gemeenten voor re-integratie langdurig werklozen; ESF Actie E: Sociale innovatie, duurzame inzetbaarheid sectoren. ESF Actie A: extra geld gemeenten voor re-integratie … Continue reading → […]
      Marcel de Groot